In de weerbewaking maken wij als meteorologen gebruik van GMS meetpunten. Op deze meetpunten kunnen we o.a zien wat de wegdektemperatuur is, de luchttemperatuur maar ook de zoutwaardes. Zeer waardevol voor een goede (preventieve) bestrijding van gladheid maar hoe bepaal je nu waar je zo’n meetpunt wilt plaatsen en hoe kan je het gebruiken tijdens de gladheidsbewaking?

Omgeving in kaart brengen en infraroodmeting

Om te bepalen waar je een GMS meetpunt neer wilt zetten in je gemeente of provincie is het als eerste belangrijk om je beheersgebied goed in kaart te brengen. Veel gemeentes en provincies zullen al helder hebben welke wegen en locaties eerder een risico lopen voor gladheid, maar een GMS meetpunt zorgt ervoor dat je de temperatuur van de wegen ook goed kunt monitoren en dat geeft de gladheidsmeteoroloog de mogelijkheid actieve bewaking te geven voor jouw gemeente of provincie.

Het is daarbij o.a. belangrijk de meest koude punten in je beheersgebied te lokaliseren. Weet je deze namelijk vast te stellen dan weet je bijna zeker dat als de wegdektemperatuur hier niet onder het vriespunt uit komt, dit waarschijnlijk nergens in de omgeving zal gebeuren. Als je een aantal koude punten in je beheersgebied hebt bepaald dan kan je daar je GMS meetpunten neerzetten. Hoe je bepaalt welke punten in je beheersgebied snel koud worden kun je bepalen door een infraroodmeting te doen tijdens helder en koude nachten waarin veel uitstraling plaats vindt. Daarnaast is de ervaring en lokale kennis van de gladheidscoördinatoren ook belangrijk om mee te nemen voor het plaatsen van een GMS meetpunt.

Er zijn echter ook nog andere zaken waar je rekening mee kunt/moet houden om een zo dekkend mogelijk beeld te krijgen van je gehele strooigebied.

Lees ook De wegdektemperatuur bij gladheidsbestrijding: het belang van lokale metingen

Omgevingsfactoren

Wat naast de bepaling van je koudste plekken een belangrijk punt is om aan te denken bij het plaatsen van GMS meetpunten is om rekening te houden met de omgeving. Denk hierbij een open weilanden waar zich slootjes langs de weg bevinden. Er is in deze gebieden vaak veel meer vocht aanwezig wat op de weg kan neerslaan en daardoor eventuele gladheid kan veroorzaken als de wegdektemperatuur onder 0 uitkomt. Verder kunnen ook bebossing of losse bomen voor schaduwplekken zorgen die overdag minder snel opwarmen waardoor de temperatuur achter blijft en de weg ook vaak nog langer nat blijft. Is het een bosweg waar de zon nauwelijks de ruimte krijgt, betekent het wel dat het in de nacht minder snel afkoelt. Het is dus vooral interessant als er één kant van de weg bebost is en de andere niet.

GMS meetpunt 2

Een GMS meetpunt heeft verbinding nodig met een netwerk en heeft voeding nodig om data te kunnen leveren. In de weg zijn vervolgens sensoren geplaatst die naar deze kast toe worden geleid. Tegenwoordig echter kunnen we gebruik maken van IOT sensoren. Lees er hier meer over.

Dat zie je ook wel op snelwegen, maar ook op wegen met een dubbele rijbaan die wordt gescheiden door een geleiderail, dat deze voor schaduwplekken zorgen en waardoor het wegdek veel minder snel zal opwarmen door de zon. Zeker in het midden van de winter kan dit voor verraderlijke gladheid zorgen.

Bruggen, viaducten en fietspaden

Als je weet dat je in je gemeente of provincie veel bruggen en viaducten hebt liggen dan is het zeer raadzaam om op je koudste brug ook een meetpunt te plaatsen. Bruggen en viaducten worden vaak enkele graden kouder dan wegen met bodemwarmte. Het zal in het seizoen vaker voorkomen dat deze gestrooid moeten worden. Ook op fietspaden komt eerder gladheid voor. Dat heeft meerdere oorzaken. De asfaltlaag is vaak minder dik waardoor de warmte minder in het asfalt blijft, daarnaast bestaat een fietspad vaak uit een ander materiaal (klinkers, beton) en heeft het soms ook een andere kleur. Dit heeft allemaal invloed op de wegdektemperatuur.

Drukke plaatsen

Voor de gladheidsbewaking zijn dit de belangrijkste criteria waaraan een GMS-meetpunt moet voldoen, maar daarnaast zijn drukke plaatsen ook goed om in kaart te brengen. Daar rijdt veel verkeer en komen over het algemeen vaker ongelukken voor. Het is altijd handig als je kunt aantonen dat gladheid niet de oorzaak was.

Persoonlijk advies

Wil je onnodige strooiacties voortaan voorkomen en op tijd de beslissing kunnen nemen wanneer je moet strooien? Vraag dan gratis advies aan een van onze gladheidexpert. Samen kijken we wat er nodig is om de gladheidsbestrijding binnen jouw gemeente te optimaliseren.

Gratis advies